Homeros Ilias III, 437 - 448

werkvertaling

Toelichting: Bij de werkvertaling heb ik zo letterlijk mogelijk vertaald, bovendien heb ik zoveel mogelijk geprobeerd de woorden die de nadruk hebben door hun plaatsing (vooraan of achteraan een vers) op die plaats te laten staan, om zo het effect, dat Homeros beoogde, ook in het Nederlands uit te laten komen, ook al leverde dit wat krom Nederlands op.



440




445



Haar spraak Paris ten antwoord toe met de woorden:
"vermaan me (mijn hart) niet, vrouw, met vervelende verwijten:
want nu heeft Menelaos wel overwonnen met behulp van Athene,
maar ik zal hem een andere keer overwinnen: want ook ons helpen de goden.
maar vooruit dan laten wij, nadat wij beiden in bed zijn gegaan, genieten van de liefde:
want nog nooit bekroop mij zó in mijn binnenste de hartstocht
zelfs niet toen ik voor het eerst na jou geschaakt te hebben uit het lieflijke Sparta
(weg)voer op de de zee doorklievende schepen,
en ik mij op het eiland Kranaë met jou vermengde in liefde en mingenot,
zoals ik nu naar jou verlang en een zoet verlangen mij bevangt."
Zo sprak hij, en hij ging als eerste naar het bed: en tegelijk volgde zijn echtgenote.
Zij gingen dan samen liggen in het doorboorde bed.