|
Lidwoord bij Herodotos
Bij Her. kan het lidwoord ook gebruikt worden als betrekkelijk
voornaamwoord of als aanwijzend voornaamwoord
alleen de nominativi (M,F) van het betr. vnw.
zijn altijd: Ðj, ¹, o, a
!
|
- Voorbeelden lidwoord als betrekkelijk voornaamwoord
- k twn manqanein dei = waaruit
men moet leren (Her. I, 8)
- okhma, n tJ = het vertrek,
waarin (Her. I, 9)
- oketewn touj .. æra =
van de dienaren die/van wie zij zag (Her. I,11)
- ta mh dei = (de dingen), die je niet
moet (zien) (Her. I,11)
- ton tauta boulasanta = hem, die dat
beraamd heeft (Her. I,11)
- se ton me qehsamenon = jij,
die mij gezien hebt (Her. I,11)
- Gughj, tou kai 'Arcilocoj ... pemnhsqh
= Gyges, van wie ook Archilochos melding heeft gemaakt/maakte (Her.
I,12)
- ta mh tij qelei = dingen, die
iemand niet wil (zien) (Her. I,32)
- to ereo me = (dat), wat u mij
vroeg (Her. I,32)
- Voorbeelden lidwoord als aanwijzend voornaamwoord
- n toisi n tode sti
= daaronder is deze ene (Her. I, 8)
|