| heb je al dit griekse font gedownload en geïnstal-leerd in windows\fonts directory? |
basiskennis Grieks
|
OVERZICHT SYNTAXISHieronder
staan de onderdelen van de grammatica (syntaxis) opgesomd, zoals ze
voorkomen op de minimumlijst Grieks van het CEVO (Commissie
Eindexamen Voortgezet Onderwijs). Congruentie- congruentie tussen subject en predikaat (inclusief de regel betreffende het neutrum meervoud).- congruentie tussen subject en predikaatsnomen. - congruentie tussen adiectivum en substantivum. - congruentie tussen een predicatieve bepaling en het bepaalde. - congruentie tussen een pronominaal subject en het predikaatsnomen. Functies van de pronomina:- het gebruik van de pronomina personalia.- het gebruik van aÙtÒj en Ð aÙtÒj. - het gebruik van de pronomina possessiva. - het gebruik van de pronomina demonstrativa. - het gebruik van het pronomen relativum Ðj en Ðstij. -- eenvoudige gevallen van relativum met ingesloten antecedent. -- relatieve aansluiting - het gebruik van het pronomen interrogativum t j en tí (in een directe vraagzin). - het gebruik van de pronomina reflexiva. - het gebruik van het pronomen reciprocum. Functies van het lidwoord:- het ontbreken van het lidwoord bij een predikaatsnomen.- het gebruik van het lidwoord bij een attributieve bepaling. - het gebruik van het lidwoord bij eigennamen en algemene zegswijzen. - het gebruik van het lidwoord waar het Nederlands een bezittelijk voornaamwoord gebruikt. - substantivering van: -- infinitivus, voorzetselgroep, adverbium. -- adiectivum, participium, pronomen possessivum. - het gebruik van het lidwoord bij paj, mesoj en ¢lloj. - de verbindingen Ð men......Ð de en o men........o de. Functies van de naamvallen:- standaard gebruik en betekenis.- nominativus: subject en predikaatsnomen - genitivus: attributieve bepaling, possessivus, partitivus ("van") complement bij bepaalde werkwoorden obiectivus, subiectivus comparationis temporis separativus ("vanaf") causae - dativus: meewerkend voorwerp, commodi/incommodi. ("aan/voor") complement bij bepaalde werkwoorden possessivus ethicus auctoris instrumenti, causae ("met/door") loci, temporis ("in, op") mensurae modi - accusativus: object, inwendig object. limitationis/respectus adverbialis richting uitgebreidheid - vocativus Preposities:- het gebruik van naamvallen bij preposities.--- met één naamval ----- met genitivus ----- met dativus ----- met accusativus --- met genitivus of accusativus --- met genitivus, dativus of accusativus Genera verbi:- activum- medium: direct reflexief, indirect reflexief, medium tantum - passivum, ook deponens passivum. Tempus en aspect:- tijd: temporele waarde van:-- praesens, imperfectum, aoristus (indicativus) -- praesens historicum, perfectum, plusquamperfectum en futurum (indicativus). - aspect: -- het "duratieve"aspect van de praesensstam -- het "factische"aspect van de aoristusstam -- het "resultatieve" aspect van de perfectumstam -- aspectwaarde van de praesensstam: conatief, iteratief. -- aspectwaarde van de aoristusstam: ingressief, perfectief. De gebruikswijzen van de indicativus:- zonder ¢n: realis- met ¢n: irrealis van het heden en verleden. De gebruikswijzen van de coniunctivus:- zonder ¢n in de hoofdzin: adhortativus, prohibitivus, dubitativus- met ¢n in de bijzin: futuralis, generalis. - zonder ¢n in de bijzin: finalis De gebruikswijzen van de optativus:- zonder ¢n in de hoofdzin: vervulbare wens.- met ¢n in de hoofdzin: potentialis, bescheiden mening of vriendelijk bevel. - zonder ¢n in de bijzin: obliquus, finalis, potentialis. De infinitivus en infinitivus-constructies:- a.c.i.- infinitivus als subject en object. - gesubstantiveerde infinitivi zonder subject. - finaal-consecutieve infinitivus na adiectiva en verba. - infinitivus en a.c.i. na prin en æste. - n.c.i. Het participium en participium-constructies:- attributief gebruik- predicatief gebruik, met mogelijkheid van temporele, causale, concessieve en conditionele interpretatie. (hota!) - het gesubstantiveerde participium. - het participium futurum met finale interpretatie, al dan niet met æj. - de genitivus absolutus met uitgedrukt subject met mogelijkheid van temporele, causale, concessieve en conditionele interpretatie. (hota!) - het complementaire participium bij: -- de verba sentiendi in de ruimste zin des woords, zoals Ðraw, ¢kouw, punqanomai, asqanomai. -- verba affectuum zoals: cairw, ¹domai. -- procesaanduidende ww. zoals: ¢rcomai, pauomai. -- de werkwoorden die een wijze van zijn uitdrukken, zoals: tugcanw, lanqanw, fainomai. -- het werkwoord ocomai. -- de werkwoorden fqanw en diatelew. Vraagzinnen:- directe vragen: éénledig, meerledig.- indirecte vragen: éénledig, meerledig. Bijzinnen:- relatieve bijzinnen.- declaratieve bijzinnen, ingeleid door Ðtien æj met: -- indicativus -- optativus -- modus, tempus en persoon van de oratio recta - temporele bijzinnen met: -- indicativus -- coniunctivus generalis/iterativus of futuralis met ¢n. - causale bijzinnen. - conditionele bijzinnen: -- realis -- irrealis -- potentialis - consecutieve bijzinnen, ingeleid door æste, met: -- alle modi om een feit uit te drukken -- infinitivus of a.c.i. om het bedoelde gevolg uit te drukken. - concessieve bijzinnen - finale bijzinnen: -- finale bijzinnen met coniunctivus en optativus. -- coniunctivus en optativus na verba timendi en curandi. Negaties:- het gebruik en de betekenis van oÙ in de hoofd- en bijzinnen.- het gebruik en de betekenis van mh in de hoofd- en bijzinnen. - het gebruik en de betekenis van twee of meer ontkenningen die elkaar opheffen of versterken.
|