- Temporele bijzinnen worden ingeleid door o.a.:
- Ðte, Ðpote, æj = toen,
nu, wanneer
- pei, peidh = nadat,
toen
- prin = voordat (prin
kan ook gevolgd worden door inf.!) voor prin
klik hier
- Temporele bijzinnen kunnen een mededeling bevatten van:
- één feit:
- in het heden of verleden: indicativus;
ontkenning oÙ.
- voorbeelden:
- pei j limena kluton
ºlqomen = toen wij in de beroemde haven
kwamen/gekomen waren (Hom. Od. X, 87)
- pei kaka farmak' dwken
= nadat zij kwalijke toverkruiden gegeven had (Hom.
Od. X, 213)
- pei dwken te kai kpion
= nadat zij het gegeven had en zij het hadden opgedronken
(Hom. Od. X, 237)
- ¢ll' Ðte dh ¢r'
mellon .... xesqai = maar toen ik
dan op het punt stond ...te bereiken (Hom. Od. X, 275/6)
- pei dwken te kai kpion
oÙde m' qelxe
= nadat zij het gegeven had en ik het had opgedronken,
maar zij mij niet betoverd had (Hom. Od. X, 318)
- æj nohsen m'
¹menon = toen zij mij zag zitten (Hom. Od.
X, 375)
- ¢ll' Ðte dh thn nhson
leipomen = maar toen wij dan het/dat eiland
achter ons lieten (Hom. Od. XII, 201)
- in de toekomst: coniunctivus pr./aor. +
¢n ,de zgn. coni. futuralis,
voor uitleg klik hier.
- voorbeelden:
- Ðppote ken Kirkh s' lasei
= wanneer Kirke jou zal voortdrijven (Hom. Od.
X, 293)
- een algemeen of zich herhalend feit:
- in het heden of de toekomst: coniunctivus
+ ¢n (generalis/iteratief),
voor uitleg klik hier.
- voorbeelden:
- æj d' Ðt' ¢n
... kunej...sainwsi = zoals wanneer honden ..kwispelen
(Hom. X, 216/7)
- in de verleden: optativus (zonder
¢n!) de zgn. optativus iterativus
- voorbeelden:
- Ðt' xemeseie .....
¢ll' Ðt' ¢nabroxeie = telkens wanneer
zij uitspuwde .... maar telkens wanneer zij opslurpte
(Hom. Od. XII, 237 + 240)
|