rome
Ga naar: Rome index monumenten / Rome links / Rome archaeologisch /
Rome homepage
/ kaart van Rome
basilica constantini magni
 
Basilica Constantini
Basilica van Constantijn de Grote
 
Het gaat om één van de grootste monumenten van het Forum Romanum en één van de belangrijkste gebouwen uit de late oudheid. De bouw werd in gang gezet door Maxentius in het gebied waar in de voorgaande tijd magazijnen waren voor de bewerking en het bewaren van kruiden (de Horrea Pipetaria); het werk werd echter pas tot een einde gebracht door Constantijn de Grote en tenslotte gerestaureerd tegen het einde van de 4e eeuw. De plattegrond van de basilica is dat van de klassieke basilica (zie plattegrond onderaan): drie schepen, het centrale is het grootste en hoogste ten opzichte van de twee zijbeuken van gelijke grootte en geaccentueerd door hoge zuilen van marmer, die ongelukkigerwijs verloren zijn gegaan met uitzondering van één die in 1613 op de piazza di Santa Maria Maggiore werd geplaatst.

Oorspronkelijk moet de ingang zich bevonden hebben aan de oostzijde, richting tempel van Venus en Roma, (Colosseum-zijde); er waren 5 grote doorgangen die toegang gaven tot een soort atrium, vanwaar men in het centrale schip kwam (80 m. lang, 25 m. breed en 35 m. hoog). Dit schip was verdeeld door machtige pilaren, waarvan er vier los stonden in het centrale gedeelte, dat ze verdeelden in drie delen, elk overwelfd door een groot kruisgewelf, het centrale schip werd afgesloten door een absis. In deze absis heeft men een gigantisch standbeeld teruggevonden, oorspronkelijk Maxentius voorstellend, maar later omgevormd tot Constantijn; Het standbeeld was van het akrolytisch type (Het onbedekte deel van het lichaam in marmer, de rest in andere materiaal, waarschijnlijk verguld brons). De marmeren delen, teruggevonden in 1487, (het hoofd 2,6 m.; en de voet lang 2 m.), zijn te bezichtigen op de binnenplaats van het palazzo dei Conservatori op het Capitool.

De twee zijschepen/beuken waren (net als het centrale) elk onderverdeeld in drie sectoren, die overdekt waren, in tegenovergestelde richting ten opzichte van het centrale schip, door een tongewelf versierd met achthoekige cassetten. In het midden van de noordelijke zijbeuk bevond zich een tweede grote absis, met aan de voorkant twee zuilen en met wanden die versierd waren met nissen voor standbeelden, ingekaderd door kleine zuilen op gebeeldhouwde voetstukken.

Tegenover deze absis werd aan de zuidzijde naar de via Sacra toe ten tijde van Constantijn een nieuwe doorgang geopend, die de hoofdas verplaatste, waarbij toch de interne driedeling behouden werd, zij het in tegengestelde richting. De toegang werd gevormd door een trap, die diende om het niveauverschil tussen de straat (via Sacra) en de basilica te overwinnen.

De basilica is kortgeleden geïdentificeerd als de zetel van de "Praefectura Urbana" (het stadsbestuur), het meest belangrijke bestuursorgaan van de stad in de late oudheid; naar de basilica (om precies te zijn naar de absis van de noordbeuk) zou in de vierde eeuw het Secretarium Senatus (tevens zetel van het tribunaal voor processen tegen leden van de senaat) vanaf het gebied bij de Curia zijn overgebracht.

Van heel het monument is alleen overeind gebleven de "kleinere" noordbeuk met de grote absis en de ruimtes met de tongewelven. Heel de rest is ingestort, waarschijnlijk al met de aardbeving ten tijde van paus Leo IV (half IXe eeuw) en de materialen, waaronder de verguld bronzen platen die het dak bedekten (deze werden door paus Honorius I in 626 weggehaald voor de St. Pieter), werden weggehaald en hergebruikt voor andere bouwwerken.
Plattegrond van de basilica van Constantijn de Grote